Page 898 in yearbook 1938

Page Block

Scanned page

Yearbook Vol. Seq P.no Type Size File
1938 vanoss_1938_domestic 898 860 content 1390 × 2294 1938/88459

Blocks on this page 1

Company header Oost-Borneo-Maatschappij
Main
48824
2 lines

Page content 57

The raw OCR output of this page, line by line.
25078 860 MIJNBOUW-MAATSCHAPPIJEN
25079 Gepl. Hyp. Andere Deeln. Debit. Kas, Diverse Alg. Afschrij-
25080 31 kapit. leen. schul- en vord. e.a. kass., inkom- Bruto onkos- vin- Netto
25081 Mrt. 1=1000 1=1000 den op id. vord. effect. sten winst ten gen winst
25082 1930 10.048 9.135 318.145 19.479.469 9.623 10.933 419.174 419.264 38.472 380.791
25083 1931 10.048 9.135 325.064 19.491.497 4.420 12.146 485.298 485.418 32.905 449.099
25084 1932 10.048 9.135 440.435 19.618.183 2.633 2.619 415.869 415.929 39.658 376.271
25085 1933 10.048 9.135 124.865 19.280.088 21.055 5.883 524.250 524.370 39.085 485.285
25086 1934 10.048 9.135 182.114 19.325.290 712 38.328 568.437 568.557 46.612 481.625 40.320
25087 1935 10.048 8.811 125.686 18.813.715 3.774 167.197 488.605 488.755 38.792 447.083 2.880
25088 1936 10.048 7.468 116.048 17.424.659 4.708 202.680 536.827 536.947 41.213 492.853 2.880
25089 1937 10.048 6.604 177.550 16.625.122 5.891 174.660 599.048 599.048 45.696 550.472 2.880
25090 Boekjaren 19 24/2 5-1 9 2 8/2 9. Jaarverslagen zijn over deze jaren niet gepubliceerd. Een
25091 mededeeling dienaangaande is opgenomen op pag. 1021 van deel I, jrg. 1930.
25092 Bruto - producties der Gewerkschaft Sophia Jacoba 1924/25-1933/34 resp. 294.431, 421.908
25093 618.458, 619.978, 734.321, 934.348, 1.093.027, 1.213.871, 1.305.365 en 1.264.164 ton.
25094 Netto - producties 1934/35-1936/37 resp. 958.286, 1.101.765 en 1.029.712 ton. Bovendien werden
25095 in 1935/36 en 1936/37 resp. 75.204 en 100.720 ton eier-briketten geproduceerd.
25096 Uit Verslag 1936 /37. Voorraden heeft de mijn „Sophia-Jacoba" dan ook vrijwel niet meer
25097 en het is dus een groote tegenslag, dat het juist nu groote moeite kost, de productie, - die practisch
25098 gesproken door het Ruhr-Syndikat is vrijgegegeven - op te voeren. In de eerste plaats is de behoefte
25099 aan goede mijnwerkers in Westfalen zeer groot en zijn vele onzer houwers, die vandaar afkomstig
25100 waren, daarheen teruggekeerd. Zoowel voor de uitbreiding der productie als voor de vervanging der
25101 vertrokkenen stonden slechts ongeschoolde krachten uit de omgeving ter beschikking. Daarbij kwamen
25102 eenige tegenslagen van geologischen aard die een versnelde ontsluiting der aanwezige kolenvoorraden
25103 belemmerden.
25104 Ernstige moeilijkheden zijn in het begin van het afgeloopen boekjaar gerezen met den Duitschen
25105 fiscus. Een zeer hoog bedrag wordt gevorderd op naar onze meening zeer onbillijke. gronden. Tot de
25106 betaling van aanzienlijke bedragen is de Gewerkschaft ondertusschen reeds gedwongen, daar elke op-
25107 schorting is afgewezen.
25108 OOST-BORNEO-MAATSCHAPPIJ N.V., gevestigd te Amsterdam, kantoor
25109 houdende te 's-Gravenhage. Opgericht 29 Maart 1897.
25110 Doel: Het drijven van mijnontginningen, landbouwbedrijf en industrieele on-
25111 dernemingen enz. De vennootschap kan ook deelnemen in of zich financieel inte-
25112 resseeren bij soortgelijke ondernemingen of consortia. Steenkolenontginning.
25113 De mpij. exploiteert een kolenbedrijf aan de Mahakamrivier op Borneo, waar
25114 zij de hierna vermelde concessies bezit. Omtrent een vruchtelooze actie tot af-
25115 stooting van het kolenbedrijf zie men deel I 1935 pag. 993. Te Samarinda is een
25116 verkoopkantoor gevestigd, Voor het kolentransport werd in Dec. 1928 een vervoer-
25117 contract afgesloten met de Kon. Paketvaart Mpij., welke tevens het stoomschip
25118 „Adriaan Stoop” dat in 1923 voor de O. B. was gebouwd, overnam. De boek-
25119 winst ad f 231.892 werd voor extra afschrijving aangewend.
25120 Exploitatie-overeenkomst met de „Koninklijke”. De maatschappij sloot in 1902
25121 met de „Koninklijke“ een exploitatiecontract, volgens hetwelk door laatstgenoem
25122 de aan de Oost Borneo Maatschappij voor de eerste honderduizend ton ruwe
25123 olie op hare concessies Moeara en Pelarang gewonnen, een royalty zou worden
25124 uitgekeerd van f 4,25 per ton, terwijl vervolgens de cijns f 1,25 per ton gewonnen
25125 olie zou bedragen. Nadat de exploitatie gedurende 1905 51.392 ton had opgeleverd,
25126 waren inclusief de productie der voorgaande 3 jaren de eerste 100.000 ton petro-
25127 leum bereikt, en ontvangt de maatschappij dus voor het verdere product een royalty
25128 van f 1,25 per ton. De concessies werden op de Koninklijke overgeschreven. Nadat
25129 op Pelarang op één plaats vruchteloos tot 1000 M. was geboord, werd de tweede
25130 boring op 1654 M. gestaakt zonder olie te hebben aangetroffen. Een nader onder-
25131 zoek ligt wel in het voornemen der „Koninklijke“, doch omtrent het tijdstip is
25132 niets bekend. Aan den oorspronkelijk rechthebbende der vergunningen, den heer
25133 W. de Jongh Dzn., werd tot en met 1922 5 pct. van de royalty opbrengst der olie,
25134 verkregen uit de door hem ingebrachte concessie-terreinen, uitgekeerd.