|
25506 |
MIJNBOUW-MAATSCHAPPIJEN 853 |
|
25507 |
afgestempelde gewone aandeelen groot f 750 en f 375. De venn. |
|
25508 |
mag eigen aandeelen inkoopen tot de helft van het geplaatste kapitaal. Er staan |
|
25509 |
720 winstaandeelen A en 480 winstaandeelen B uit. Omtrent aandeelen-emissies |
|
25510 |
tot 1907 zie men jaargang 1908. Op 1 Jan. 1907 stonden uit: f 648.500 8 pct. cum. |
|
25511 |
le pref. aandeelen, f 666.000 6 pct. cum. pref. aandeelen en f 894.500 gewone |
|
25512 |
aandeelen. Zooals uitvoerig in den jaargang 1908 blz. 720 en 721, omschreven, |
|
25513 |
vonden in 1907 de volgende wijzigingen in de kapitalisatie plaats: De f 648.500 |
|
25514 |
8 pct. cum le preferente aandeelen werden verwisseld tegen gelijk bedrag 6 pct. |
|
25515 |
cum. pref. aandeelen en kregen daarbij de statutair vastgestelde uitkeering van |
|
25516 |
100 pct. in contanten. Buitendien werden tegen het zoowel op de 8 pct. eerste |
|
25517 |
preferente aandeelen als op de 6 pct. gewone preferente aandeelen op 31 Dec. 1907 |
|
25518 |
achterstallig cumulatief dividend ad resp. f 302.633 en f 429.570 totaal f 732. 203 |
|
25519 |
cumul .- bewijzen uitgereikt. Dientengevolge werd van 31 Dec. 1907 af bij de Twent- |
|
25520 |
sche Bankvereeniging B.W. Blijdenstein & Co. tegen inlevering van een eerste pre- |
|
25521 |
ferent aandeel groot f 500 uitgereikt: f 500 in contanten, voorts een nieuw prefe- |
|
25522 |
rent aandeel ad f 500 en f 233,33} scrip cumulbewijs en tegen inlevering van f 1000 |
|
25523 |
(2e) preferent aandeel f 1000 nieuw pref. aandeel en f 500 cumulbewijs + f 145 |
|
25524 |
scrip cumulbewijs. Voor minstens f 500 aan scrips werden onder verrekening |
|
25525 |
van het restant definitieve bewijzen à f 500 vertsrekt. Nadat ingevolge de toen gel- |
|
25526 |
dende statutaire bepalingen uit de winst 1922 voor f 75.000 voor nom. f 91.325 |
|
25527 |
aan cumulbewijzen waren ingekocht, werden volgens besluit van 26 Juni 1924 |
|
25528 |
alle resteerende bewijzen (nom. f 640.878,33}) afgelost. In verband met de af- |
|
25529 |
lossing der cumulbewijzen stond op 27 Juni 1924 bij de Twentsche Bank de in- |
|
25530 |
schrijving à pari open op f 641.000 gewone aandeelen groot f 500. Voorkeur f 2.000 |
|
25531 |
gewone en/of pref. op één nieuw aandeel (claim no. 14 der preferente- en no. 1 |
|
25532 |
der gewone aandeelen). De niet door oude aandeelhouders genomen aandeelen |
|
25533 |
werden aangeboden ter omwisseling stuk voor stuk tegen cumulbewijzen, waar- |
|
25534 |
bij de houder van elk aldus omgewisseld cumulbewijs bovendien f 50,- in contan- |
|
25535 |
ten ontving. De niet omgewisselde cumulbewijzen waren 11 Juli 1924 à pari |
|
25536 |
aflosbaar bij de Twentsche Bank. Prospectus in deel I, 1925. Op de hierna uit- |
|
25537 |
staande f 1.314.500 preferente en f 1.535.500 gewone aandeelen werd volgens be- |
|
25538 |
sluit van 19 Nov. 1934 25 pct. afgeschreven; hiertoe konden de stukken van 14 |
|
25539 |
Aug. 1935 ter afstempeling worden aangeboden bij de T.B. te Amsterdam; zij |
|
25540 |
zijn sedert zonder dit stempel niet leverbaar. Het door de afstempeling vrijgeko- |
|
25541 |
men bedrag werd voor f 475.890 aangewend voor afschrijving en voor f 236.610 |
|
25542 |
gebruikt tot betaling van 18 pct. achterstallig dividend op de pref. aandeelen. |
|
25543 |
Winstverdeeling thans: Na afschrijvingen door het Bestuur te bepalen, eerst |
|
25544 |
ten hoogste 10 pct. aan de reserve indien en voorzoover het Bestuur zulks wen- |
|
25545 |
schelijk acht, echter wordt niets gedoteerd, indien en zoolang de reserve f 300.000 |
|
25546 |
bedraagt. Verder tot f 60 resp f 30 cum. dividend op de pref. aand. van f 750 |
|
25547 |
en f 375; vervolgens tot f 60 resp. f 30 niet-cum. dividend op de gewone aan- |
|
25548 |
deelen van f 750 en f 375. Van de overwinst: 53 pct. voor alle aandeelhouders naar |
|
25549 |
gelang hun storting, 30 pct. voor de 720 winstaandeelen A, 5 pct. voor de 480 |
|
25550 |
winstaandeelen B, 7 pct. voor commissarissen en 5 pct. voor de directie. |
|
25551 |
Dividend gewone aandeelen: t.e.m. 1922 :nihil; 1923-1929: 11, 10, 6, 6, 0, 0 |
|
25552 |
en 6 pct .; 1930-1933: nihil; afgestempelde aandeelen 1934-1938: 6, 7, 10, 10 en |
|
25553 |
10 pct. (no. 11, 7 Aug. 1939 bij de T.B.); 1939: vastgesteld 10 pct.1) preferente |
|
25554 |
aandeelen 1908-1920: 5, 3}, 2}, 0, 2, 6, 6, 5, 5, 7}, 6, 0 en 6 pct .; 1921-1929: |
|
25555 |
18, 17}, 11, 10, 6, 6, 0, 12 en 6 pct .; 1930-1932: nihil; 1933: 6 pct .; 1934: 18 pct. |
|
25556 |
op de aand. van f 1000 en f 500 en 8 pct. op de tot f 750 resp. f 375 afgest. aand .; |
|
25557 |
1) Uit te betalen naar gelang de middelen beschikbaar komen. |